Literaire Driekoningen Puzzel 2012 : Inzendtermijn verlengd
De door Van HOUTEN's club in samenwerking met de Bibliotheek Houten en ’t Groentje georganiseerde literaire Driekoningenpuzzel blijkt nog niet eenvoudig op te lossen. Daarom is besloten de inzendtermijn met twee weken te verlengen tot Valentijnsdag, 14 februari 2012. Bovendien geeft de organisatie hieronder nog enkele aanwijzingen die u kunnen helpen de oplossing van deze literaire uitdaging te vinden, waardoor u alsnog kans kunt maken op het prijzenpakket: Een heel jaar gratis naar alle programma's van de Van HOUTEN's club, een jaar gratis lid van de Bibliotheek Houten, twee flessen goede wijn, een dagje samen naar het chocolademuseum voor twee personen.De tien tekstfragmenten, waarvan u gevraagd wordt te herkennen (a) uit welk boek het fragment komt en (b) door wie het boek werd geschreven, vindt u hieronder, evenals de namen van de schrijfsters/schrijvers van wie de fragmenten afkomstig zijn. En zoals gezegd, om u verder op weg te helpen, geeft de organisatie een aantal extra aanwijzingen, ook hieronder te vinden.
Inleveren van de oplossing kan tot en met 14 februari 2012 bij de Bibliotheek Houten, met vermelding van naam, e-mail en telefoonnummer. U kunt de oplossing ook mailen naar DorpsdichtereS@kpnmail.nl. Een deskundige jury met als voorzitster de eerste Dorpsdichteres zal alle inzendingen bekijken. De uitslag wordt bekend gemaakt via 't Groentje en op de website van de Bibliotheek. Over de uitslag kan verder niet worden gecorrespondeerd.
Nadere aanwijzingen van de organisatie om u te helpen bij het oplossen van de Driekoningenliteratuurpuzzel 2012:
Twee van de boeken waaruit een fragment genomen is, zijn de afgelopen jaren tijdens ‘Nederland Leest’ opnieuw uitgebracht en zijn werken uit de beginperiode van de schrijfsters/schrijvers.
De werken van de Vlaamse auteurs gaan twee keer over een markante man en met een van de werken werd de auteur in één klap zeer bekend.
Het fragment uit het boek van de schrijver die eerder speciaal met zijn bijzondere verhalen over dieren bekend werd, behandelt het moment vlak voordat het hoofdpersonage (het is een van zijn eerste boeken over mensen) een grote ommekeer in haar leven meemaakt. Door de markante beschrijvingen van het noodlot, het lot, grote veranderingen in een bestaan, zijn de verhalen van deze schrijver al bekend.
Een schrijfster won met het boek waaruit een fragment genomen werd enkele jaren terug een belangrijke prijs in Nederland. Zij meldde toen dat ze met het geld naar het Lago Maggiore wilde.
Een van de andere schrijvers is katholiek geworden en heeft daarover ook regelmatig geschreven.
Het bekendste werk van de enige Franse schrijver die geciteerd wordt (in vertaling) draagt twee kleuren.
Om nog 2 aanwijzingen bij het oplossen van deze puzzel te geven:
De onderstaande 10 tekstfragmenten zijn afkomstig uit werk van Abdolah, Campert, Haasse, Koolhaas, Lanoye, Meijsing, Reve, Stendhal, Van Paemel, Van Reybroeck en het betreft steeds fragmenten welke sterk tekenend zijn voor het verhaal.
De 10 fragmenten:
1.
Als het waar is dat er voor ieder, mens een landschap van de ziel bestaat, een bepaalde sfeer, een omgeving, die responsieve trillingen oproept in de verste schuilhoeken van zijn wezen, dan was – en is – mijn landschap het beeld van berghellingen in de Preanger: de bittere geur van de theestruiken, het klateren van heldere stroompjes over steenblokken, de blauwe wolkenschaduwen over het laagland.
2.
Al in de wieg had ik een afkeer van de markiezin; als ze mij werd voorgehouden zette ik
prompt een keel op. Moetje had de markiezin best aan Lena mogen geven, maar nee, het was
zijn pop, ook al moest ik haar niet. Zo kwam de markiezin op het buffet terecht, waar ze – als
een stom verwijt – in al haar pracht zit te verstoffen.
3.
Zij, op een zondag tijdens een zeldzame hoogzomer. De beken die haar perceel afbakenen
liggen er uitgedroogd bij. Ze zijn afgeboord met dor gras braamstruiken die zelfs geen
bessen meer dragen. Ze kan het niet meer aanzien. Knorrend, malend, zeurend: ”Als dat ooit
in brand vliegt? Omdat een domme wandelaar er zijn sigarettenpeuk in weggooit? Heel de
boel schiet in de fik, mijn bungalow inbegrepen. Dat kan zo niet langere.” Dus steekt ze het
gras zelf in brand.
4.
Het waren ongemakkelijke avonden, waarop alle aanwezigen een toon te hoog spraken over
tentoonstellingen die ze niet bezocht, boeken die ze niet gelezen en toneelvoorstellingen die
ze niet gezien hadden. Alleen de twee of drie aanwezige ministers, die gekomen waren
omdat ze de naam hadden kunstgevoelig te zijn, gedroegen zich alsof ze zich op hun gemak
voelden; een van hen ging zelfs zo ver om achter de rug van de staatssecretaris grapjes te maken over de ernst waarmee deze zijn hobby opvatte- grapjes die door de aanwezigen niet gewaardeerd werden.
5.
Iedereen moet Ispahan bezoeken. Wie dat doet, zegt tot zichzelf: deze stad behoort aan mij.
Ik wil hier blijven. Er hangt daar iets vreemds in de lucht, een tijdloosheid. Het voelt alsof je
er ooit een deel van jezelf achtergelaten hebt.
6.
De bouw van de kerk en de vonnissen van de kantonrechter verlichtten hem plotseling; een
gedachte die bij hem opkwam maakte hem enige weken lang gek en nam hem ten slotte
geheel in beslag met de almacht van het eerste idee dat een gepassioneerde ziel meent te
hebben bedacht. Toen Napoleon van zich deed spreken, was Frankrijk bang te worden bezet; de militaire verdienste was noodzakelijk en in de mode. Tegenwoordig ziet men priesters van veertig jaar met wedden van honderdduizend frank, dat wil zeggen drie maal zo veel als
Napoleons beroemde divisiegeneraals. Die hebben mensen nodig die hen bijstaan. Kijk nu eens naar die kantonrechter die goede man, tot nu toe zo eerlijk als goud, zo oud al, die zich
onteert uit vrees een jonge vicaris van dertig jaar te mishagen. “Ik moet priester worden.”
7.
U moet nooit geloven wat er in dat vooruitstrevende dagblad of dito weekblad staat, want
alles daarin is ten eerste verzonnen, ten tweede gelogen, en ten derde niet waar. Die lui
hebben nog nooit iets gelezen dat uit het leven zelf gegrepen is. Ook erg anti-katholiek,
tegen de Paus zelfs, je houdt het niet voor mogelijk.
8.
Ze liepen voor mij uit over het asfalt, op weg naar het gele luchthavengebouw. Er stonden
enkele vliegtuigen rommelig geparkeerd. De straalmotoren van een ervan zaagden de
wereld in tweeën. Te midden van dat buitenaardse geronk hing de geur van verbrande
kerosine vermengd met de geur van verbrand plastic afkomstig van de sloppenwijken even
verderop. De lucht zinderde van de hitte en het was nog maar voormiddag. Ik was te moe
geweest om hen aan te spreken, te moe van het reizen en van de pogingen te begrijpen. Maar
ik zag hen lopen, nog steeds opgewekt, zichtbaar trots op hun voorbije reis. Ik zag de blonde haren van hun pruiken opveren bij elke stap die ze zetten. Ik zag hoe de wind enkele
plukjes verwoei. En terwijl ze gezwind over het verbrokkelde asfalt in de richting van hun thuiskomst stapten, zag ik de labels aan hun mouw flapperen en tollen in de ochtendlucht, dartel en speels, alsof er iets te vieren viel.
9.
En zij voelde dat een onbegrijpelijk hevig geluk haar vulde, waarbij ze zich uiteindelijk concentreerde op het geluid van het zachte gesnurk van de tante, dat zo regelmatig was, dat wachten op één hapering onbegonnen werk bleek. Mirabelle lachte halfslapend. Deze wereld was vol vertrouwen. En zij vol evenwicht.
10.
Want dat die vrouw in mij gegrift stond was me nu duidelijk. Ik dronk aanwezigheid in als een uitgedroogde, ik herkende alles, de gebaren, de stem, de beenderstructuur, de motoriek,
zelfs de koelte die achter alles school. Er waren geen vijfenveertig jaar voorbijgegaan, dit
was tussen haar en mij en ik moest mijn hoofd erbij houden, wilde ik mij niet voor eeuwig te schande maken.
We dronken er warme groene thee bij, want iemand die uit de tropen komt weet dat warmte met warmte bestreden moet worden.






